Selecteer een pagina

(begrip uit de overheidssector)
Er zijn drie momenten waarop een transactie tot stand kan komen: 1. bij het tekenen van het contract (aangaan verplichting), 2. de betaling aan de leverancier (uitgave) of 3. het gebruik. Op basis van deze momenten kunnen verschillende begrotingsstelsels worden gehanteerd. Bij de drie verschillende momenten horen resp. de volgende begrotingsstelsels: het verplich-tingenstelsel, het kasstelsel en het baten-lastenstelsel. De Rijksoverheid hanteert een ge-combineerd verplichtingen-kasstelsel (VKS). Gemeenten, Provincies en waterschappen han-teren een begroting op basis van baten-lastenstelsel (BLS).